Brussel wil nieuwe lidstaten een proeftijd geven. En het veto van landen als Nederland inperken
De Europese Commissie presenteerde op 6 oktober een plan om de uitbreiding van de EU te versnellen. Eurocommissaris Marta Kos stelde voor dat nieuwe lidstaten een proeftijd krijgen, volgens de meeste berichten tot vijftien jaar (sommige media noemen drie tot vijftien jaar, afhankelijk van het beleidsterrein). Wie in die periode de rechtsstaat ondermijnt, kan stemrecht of EU-geld verliezen; de Commissie of een groep lidstaten kan de procedure starten. Daarnaast wil het plan dat voor sancties, energiebelasting en de aanpak van belastingfraude een gekwalificeerde meerderheid volstaat (55 procent van de lidstaten, 65 procent van de bevolking). Daarvoor moeten alle lidstaten wel eerst instemmen. Montenegro wil in 2028 toetreden; Albanië, Moldavië en Oekraïne zijn koplopers. Regeringsleiders bespreken het plan volgende week.
Uitbreiding met Oekraïne en de Balkan is geopolitiek gewenst, maar een EU van 30 of meer landen loopt vast als elk land elk besluit kan blokkeren. Het voorstel probeert beide problemen tegelijk op te lossen: nieuwkomers worden getoetst, en bestaande leden leveren een deel van hun blokkademacht in.
Op korte termijn verandert er voor jou niets. Op langere termijn bepaalt dit hoe snel de EU kan reageren met sancties, en hoeveel invloed Den Haag houdt op belastingregels.
Een veto is nu vaak een middel voor één land om iets af te dwingen dat niets met het onderwerp te maken heeft. Meerderheidsbesluiten maken de EU slagvaardiger.
Belastingen en buitenlands beleid horen bij de kern van een soevereine staat. Wie het veto weggeeft, krijgt het niet meer terug.
Het plan heeft twee helften die politiek heel verschillend vallen. Een proeftijd voor nieuwkomers is voor Nederland makkelijk te steunen; het inleveren van het eigen veto niet. Let op de EU-top volgende week: als regeringsleiders de twee delen loskoppelen, komt alleen de proeftijd er.
DailyDrop Editie Nederland Nr. 2 · Ochtendeditie · di 6 okt 2026